Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil
- eiser recht heeft op de vergoeding van immateriële schade;
- eiser recht heeft op een integrale proceskostenvergoeding, en
- eiser recht heeft op de uitbetaling van een dwangsom.
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart de beroepen tegen de uitspraak op bezwaar inzake de navorderingsaanslagen IB/PVV 1999 en VB 2000 ongegrond;
- verklaart de beroepen tegen de uitspraak op bezwaar inzake de navorderingsaanslagen IB/PVV 1992 tot en met 1998 en VB 1993 tot en met 1999 ongegrond;
- wijst het verzoek om de toekenning van een immateriële schadevergoeding af, en
- stelt vast dat geen dwangsom is verschuldigd.