Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van
Procesverloop
Overwegingen
.Geadviseerd is om niet mee te werken, omdat thans de noodzaak er niet meer is om mee te werken. Daarop heeft verweerder het primaire besluit genomen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Gelderland
Eisers hebben een verzoek ingediend bij de gemeente Montferland om mee te werken aan een schuldsanering op grond van artikel 42 van Pro het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Dit verzoek werd door verweerder afgewezen, waarna eisers bezwaar maakten en vervolgens beroep instelden bij de rechtbank Gelderland.
De kern van het geschil betreft het beoordelingsmoment waarop verweerder moest toetsen of medewerking aan de schuldsanering noodzakelijk was voor de voortzetting van het bedrijf. Eisers stelden dat dit moment bepalend was op het moment van aanvraag, terwijl verweerder dit beoordeelde op het moment van besluitvorming. De rechtbank oordeelde dat het beoordelingsmoment juist het moment van besluitvorming is, mede omdat eisers na de aanvraag een overeenkomst met een andere partij sloten waardoor medewerking aan de schuldsanering niet langer noodzakelijk was.
Daarnaast heeft het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK) geadviseerd het verzoek af te wijzen vanwege onvoldoende informatie en het ontbreken van noodzaak voor schuldsanering. Eisers hadden de gevraagde stukken pas na het sluiten van de overeenkomst met RGV verstrekt, waardoor verweerder niet verplicht was mee te werken aan de schuldsanering.
De rechtbank concludeerde dat verweerder binnen een redelijke termijn heeft beslist en dat het beroep ongegrond is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van medewerking aan schuldsanering is ongegrond verklaard.