Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 21 januari 2016
[X] , te [Z] , eiser,
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Almelo, verweerder.
Procesverloop
€ 1.015.492.
mr. [A] en mr. [B] .
Overwegingen
- of de heffing van kansspelbelasting in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol behorend bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (hierna: EVRM).
Lotteriesteuerover de inleg van de spelers afgedragen aan de Duitse belastingdienst (16,67%). Dit komt, aldus eiser, overeen met de Nederlandse kansspelbelasting. Daarnaast moet de Westdeutsche Lotterie een
Konzessionsbeitragvan 24% van de inleg afdragen. Nu daarnaast ook in Nederland nog kansspelbelasting moet worden afgedragen, wordt een prijs die is gewonnen in een buitenlandse loterij zwaarder belast dan diezelfde prijs indien deze in Nederland zou zijn gewonnen. In Nederland wordt enkel 29% aan kansspelbelasting geheven. Voor dit verschil in behandeling bestaat, aldus eiser, geen rechtvaardigingsgrond.
Artikel 1 Eerste Pro Protocol van het EVRM
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;