Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 16 juni 2016
[X] , te [Z] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Utrecht, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart de beroepen over de jaren 2008, 2009 en 2010 gegrond;
- vernietigt de desbetreffende uitspraken op bezwaar;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2008 tot een navorderingsaanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 146.205 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 11.976;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2009 tot een navorderingsaanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 147.839 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 8.328;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2010 tot een navorderingsaanslag berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 214.280 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 6.484;
- vermindert de beschikkingen heffingsrente dienovereenkomstig;
- vermindert de boete over 2008 tot € 15.912;
- vermindert de boete over 2009 tot € 9.308;
- vermindert de boete over 2010 tot € 2.870;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraken op bezwaar;
- verklaart het beroep over 2011 ongegrond;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser ten bedrage van € 992;
- gelast dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht van € 45 vergoedt.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;