Uitspraak
Stichting Rijnstate Ziekenhuis
Rechtbank Gelderland
De werknemer, werkzaam als verpleegkundige bij Stichting Rijnstate Ziekenhuis, vordert betaling van onregelmatigheidstoeslag over zowel wettelijke als bovenwettelijke vakantie- en verlofuren over de periode van 18 juni 2010 tot 1 januari 2015. Rijnstate verweert zich met onder meer het standpunt dat de cao Ziekenhuizen een rechtsgeldige regeling bevat die afwijkingen toestaat en dat de werknemer zijn recht zou hebben verspeeld door niet tijdig te protesteren.
De kantonrechter oordeelt dat artikel 7:639 BW Pro, dat het recht op loon tijdens vakantie regelt, dwingendrechtelijk is en ook voor bovenwettelijke vakantiedagen geldt. Europese jurisprudentie bevestigt dat alle looncomponenten die intrinsiek samenhangen met de uitvoering van de arbeid, zoals onregelmatigheidstoeslag, moeten worden doorbetaald tijdens vakantie. De cao-bepalingen kunnen hier niet aan afdoen, ook niet als deze algemeen verbindend zijn verklaard.
De rechtbank wijst het verweer van Rijnstate af dat afwijkende afspraken over bovenwettelijke vakantiedagen mogelijk zijn en dat toewijzing tot ongerechtvaardigde verrijking zou leiden. De vordering wordt gedeeltelijk toegewezen, waarbij een correctie wordt toegepast wegens een kennelijke schrijffout in de berekening van de werknemer. Daarnaast wordt een wettelijke verhoging van 10% en wettelijke rente toegekend, evenals buitengerechtelijke kosten en proceskosten.
De uitspraak bevestigt het belang van volledige loondoorbetaling inclusief onregelmatigheidstoeslag tijdens alle vakantiedagen, ter bescherming van de recuperatiefunctie van vakantie en conform Europese richtlijnen.
Uitkomst: Rijnstate wordt veroordeeld tot betaling van onregelmatigheidstoeslag over wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen inclusief wettelijke verhoging, rente en kosten.