Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van
[eiseres] , te [plaats 1] eiseres
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Gelderland
Eiseres, houder van een kindercentrum, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens het niet voldoen aan de VOG-verplichting zoals gesteld in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wkkp). De boete van €3.000 werd gebaseerd op een inspectierapport van de GGD, dat als boeterapport werd aangemerkt. De rechtbank oordeelde dat het inspectierapport voldeed aan de wettelijke eisen en dat het niet onrechtmatig verkregen bewijs betoog faalde.
Eiseres voerde onder meer aan dat de Slavenburg-criteria van toepassing waren, dat de VOG niet geldig hoefde te zijn en dat de inzet van de klusjesman niet frequent genoeg was om een VOG te vereisen. De rechtbank verwierp deze argumenten en stelde dat de VOG-plicht ook geldt voor personen die structureel of met enige regelmaat tijdens opvanguren aanwezig zijn. De intentie van eiseres om de klusjesman in te zetten maakte een VOG verplicht.
De rechtbank benadrukte dat eiseres verantwoordelijk was voor het controleren van de juiste screeningsprofielen bij de VOG-aanvraag en dat het bestuursorgaan de boete passend had vastgesteld binnen het geldende handhavingsbeleid. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete van €3.000 bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €3.000 wegens het niet beschikken over een juiste VOG is ongegrond verklaard.