De rechtbank Gelderland heeft op 5 april 2018 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over de omgevingsvergunning voor de legalisering van een asielzoekerscentrum in Wageningen. De vergunning maakte een overschrijding van het maximale bebouwingspercentage mogelijk en betrof een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De rechtbank oordeelde dat de actuele en regionale behoefte aan deze uitbreiding onvoldoende was aangetoond, waarmee de ruimtelijke onderbouwing niet voldeed aan de vereisten.
Daarnaast ontbrak een verkennend onderzoek naar mogelijke significante gevolgen voor het nabijgelegen Natura 2000-gebied Veluwe, wat volgens de rechtbank noodzakelijk was vanwege de uitbreiding en ligging deels op gronden met de bestemming 'Bos'. Ook was de welstandsbeoordeling ontoereikend; de vergunning had getoetst moeten worden aan het hogere welstandsniveau vanwege het rijksmonument, maar verweerder had volstaan met een oud advies uit 1992.
Het beroep tegen de eerste vergunning werd gegrond verklaard en de vergunning vernietigd. Het beroep tegen de tweede vergunning, die betrekking had op inpandige verbouwingen en brandveiligheid, werd niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen rechtstreeks belang had. De rechtbank wees ook proceskosten toe aan eiser en bepaalde dat het griffierecht vergoed moest worden. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op een Wob-verzoek werd niet-ontvankelijk verklaard.