De Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV) vordert dat de werkgever, lid van TLN en actief in beroepsgoederenvervoer, de cao correct naleeft met betrekking tot inschaling, tredeverhoging, overuren en vakantiebijslag vanaf 1 maart 2015. FNV baseert zich op de algemeen verbindend verklaarde cao’s van 2014-2016 en 2017-2019.
De werkgever heeft verweer gevoerd en onder meer vaststellingsovereenkomsten met werknemers overgelegd waarin financiële aanspraken tot 1 april 2018 zouden zijn afgehandeld. De kantonrechter oordeelt dat deze overeenkomsten niet als rechtsgeldige vaststellingsovereenkomsten kunnen gelden, omdat zij niet zien op een bestaand geschil of onzekerheid, en derhalve niet kunnen afwijken van dwingend recht.
De werkgever wordt veroordeeld tot naleving van de cao-artikelen 19 (inschaling), 21 (tredeverhoging), 29 (vergoeding overuren) en 69 (vakantiebijslag) met terugwerkende kracht vanaf 1 maart 2015. Tevens moet zij de loonaanspraken aan werknemers uitbetalen, voor zover zij hierop aanspraak kunnen en willen maken, vermeerderd met een wettelijke verhoging van 10% en rente. De werkgever moet aan FNV een schadevergoeding betalen van € 2.500 wegens gemaakte kosten. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.