ECLI:NL:RBGEL:2019:2288
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontruiming en betaling huurachterstand wegens wanbetaling en vernietiging oneerlijk rentebeding
De huurder huurt sinds 1 augustus 2011 een zelfstandige woonruimte tegen een maandelijkse huurprijs van € 915,00. Ondanks meerdere aanmaningen en een mondelinge toezegging, is een huurachterstand van € 3.075,00 ontstaan. De verhuurder vordert ontruiming, betaling van de achterstand, contractuele rente en buitengerechtelijke kosten.
De kantonrechter stelt vast dat de huurder de huurachterstand niet betwist en dat de tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst leidt tot ontbinding met een grote mate van waarschijnlijkheid. Persoonlijke omstandigheden van de huurder en een borgstelling door zijn broer kunnen dit niet verhinderen. De gevorderde ontruiming wordt toegewezen met een termijn van 14 dagen.
Het contractuele rentebeding van 1% per maand wordt getoetst aan de Richtlijn 93/13 betreffende oneerlijke bedingen en wordt als oneerlijk en onredelijk bezwarend beoordeeld. Dit beding wordt vernietigd en de vordering tot betaling van deze rente afgewezen. De buitengerechtelijke kosten worden toegewezen op basis van redelijke tarieven. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, buitengerechtelijke kosten, en een bedrag voor elke maand dat hij het gehuurde na 1 juni 2019 blijft gebruiken. Proceskosten worden aan de huurder opgelegd.
Uitkomst: Huurder veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen en betaling van huurachterstand en buitengerechtelijke kosten; contractuele rentebeding vernietigd wegens oneerlijkheid.