ECLI:NL:RBGEL:2019:4034
Rechtbank Gelderland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navordering fiscale oudedagsreserve in stakingsjaar op grond van foutenleer
Eiser heeft in 2014 zijn onderneming gestaakt die hij in 2004 van zijn vader had overgenomen. In de aangifte over 2014 is geen fiscale oudedagsreserve (FOR) vermeld, terwijl in 2001 een FOR van €14.400 was aangegeven. In de jaren daarna is geen FOR meer opgegeven. De Belastingdienst heeft daarom de FOR uit 2001 nagevorderd in 2014.
Eiser stelde dat hij niet op de hoogte was van de FOR en dat deze in 2004 had moeten vrijvallen vanwege negatief ondernemingsvermogen en het niet claimen van zelfstandigenaftrek. Hij voerde aan dat de foutenleer niet van toepassing zou zijn als de fout ook aan de inspecteur te wijten is. De rechtbank oordeelde dat geen sprake was van ambtelijk verzuim en dat de inspecteur niet verplicht was de FOR zelf te onderzoeken.
De rechtbank bevestigde dat de foutenleer ertoe dient te voorkomen dat bedrijfswinst onbelast blijft of dubbel wordt belast. Omdat de FOR niet eerder was vrijgevallen of belast, en eiser fiscaal voordeel had genoten door dotaties aan de voorziening, mocht de Belastingdienst de FOR in 2014 alsnog bij de winst rekenen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2014 blijft in stand.