Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 6 november 2019
[Naam A] , te [woonplaats] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
mr. E.C.E. Marechal, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M. Kool, griffier.
Rechtbank Gelderland
Eiseres, directeur-grootaandeelhouder en 100% aandeelhouder van een onderneming, vroeg compensatie op grond van de Tijdelijke regeling compensatie zelfstandigen voor zwangerschapsuitkering. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres in 2008 geen inkomsten uit arbeid had genoten en niet als beroepsbeoefenaar werd beschouwd.
De rechtbank overwoog dat de regeling bedoeld is om zelfstandigen te compenseren die tussen 7 mei 2005 en 4 juni 2008 bevallen zijn en dat het criterium voor beroepsbeoefenaar is dat arbeid is verricht ten behoeve van een lichaam met aanmerkelijk belang, ongeacht het feit of er inkomsten zijn genoten.
Uit bewijsstukken en toelichting bleek dat eiseres in 2008 leiding gaf aan het personeel, betalingen verrichtte, betrokken bleef bij de bedrijfsvoering en de herstructurering van haar onderneming. De rechtbank verwierp het verweer van verweerder dat eiseres niet werkte in 2008, omdat dit betrekking had op werkzaamheden voor klanten, niet op haar rol als directeur-grootaandeelhouder.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en kende een compensatie toe van €5.600,-. Tevens werd het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De rechtbank kent eiseres een compensatie toe van €5.600,- en vernietigt het bestreden besluit.