ECLI:NL:RBGEL:2020:2646
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring voorzieningenrechter bij handhaving lachgasverkoop
Verzoeker exploiteert een nachtwinkel en een groothandel waar distikstofmonoxide (lachgas) wordt verkocht voor inhalatie. Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem heeft aan verzoeker een last onder dwangsom opgelegd die het aanbieden van lachgas voor inhalatie verbiedt, met een dwangsom van €5.000 per overtreding en een maximum van €15.000 per bedrijf.
Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 14 mei 2020, gehouden via videoverbinding, werd vastgesteld dat de handhaving gebaseerd is op overtreding van zowel artikel 9.2.1.2 van de Wet milieubeheer als artikel 2.1, eerste en tweede lid, onder e, van het Activiteitenbesluit.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er een conflict in bevoegdheidstoedeling bestaat, omdat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State exclusief bevoegd is in eerste en enige aanleg voor handhaving op grond van de Wet milieubeheer, terwijl de voorzieningenrechter wel bevoegd is voor handhaving op grond van het Activiteitenbesluit. Aangezien de last niet splitsbaar is, verklaart de voorzieningenrechter zich onbevoegd en zendt de zaak door voor spoedige behandeling door de Afdeling.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.