ECLI:NL:RVS:2016:1065
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- H.G. Sevenster
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake bestuursdwang afvalstoffenbedrijf te Heel
De zaak betreft bestuursdwangbesluiten van provincie Limburg en gemeente Maasgouw tegen Edelchemie Panheel, Edelchemie Benelux, Phoenica en enkele natuurlijke personen, wegens het niet verwijderen van afvalstoffen op een bedrijfsterrein te Heel. De rechtbank Limburg was niet bevoegd omdat ook overtredingen van milieuwetgeving aan de orde waren waarover alleen de Afdeling bestuursrechtspraak rechtsmacht heeft. Daarom vernietigt de Afdeling de uitspraak van de rechtbank en doet zelf uitspraak.
De Afdeling oordeelt dat de aanwezigheid van circa 12.500 ton afvalstoffen, waaronder obsidiaan en slib-waterbassins, op het terrein een overtreding vormt van de vergunningplicht uit de Wabo, de zorgplicht uit de Wet bodembescherming, de Wet milieubeheer en de Woningwet. De inrichting omvat het gehele terrein inclusief delen gebruikt door Phoenica, die samen met Edelchemie Panheel als overtreder zijn aangemerkt. Bestuurders [appellant sub 1A] en [appellant sub 1B] zijn terecht als feitelijke leidinggevenden aangemerkt, terwijl [appellant sub 1C] als werknemer niet als overtreder kan worden beschouwd.
De Afdeling wijst het verzoek om verlenging van de begunstigingstermijn af omdat de termijn van 22 weken objectief voldoende was. De provincie en gemeente mochten bestuursdwang toepassen en de gemaakte kosten verhalen op de juiste overtreder(s). Echter, de kostenbeschikking van de gemeente wordt vernietigd omdat zij de kosten niet heeft gemaakt. Ook zijn bepaalde personen ten onrechte als overtreder aangemerkt en zijn kosten voor twee methanoltanks ten onrechte in rekening gebracht.
De Afdeling veroordeelt de provincie en gemeente tot vergoeding van proceskosten aan de appellanten. De beroepen tegen de besluiten op bezwaar zijn deels gegrond, deels ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de Afdeling treedt zelf in de zaak.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de Afdeling bestuursrechtspraak doet zelf uitspraak waarbij de lasten onder bestuursdwang en kostenverhaal deels worden bevestigd en deels vernietigd.