Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van
[derde-partij], te [woonplaats]
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland behandelde het beroep van omwonenden tegen een omgevingsvergunning die door het college van burgemeester en wethouders van Berkelland was verleend aan een derde-partij voor de uitbreiding van een melkrundveehouderij met een nieuwe ligboxenstal buiten het bestemmingsplan. Eisers vreesden aantasting van hun woon- en leefklimaat.
De rechtbank oordeelde dat het beroep van eisers ontvankelijk was, ook al hadden zij geen zienswijze ingediend tegen alle onderdelen van het besluit. Dit volgt uit het arrest van het Hof van Justitie van 21 januari 2021 (ECLI:EU:C:2021:7) dat artikel 6:13 van Pro de Awb, dat beroep kan weigeren bij het ontbreken van zienswijzen, niet toepasbaar is op particulieren in milieuaangelegenheden onder het Aarhus-verdrag.
De rechtbank verwierp verder de beroepsgronden van eisers over onder meer het ontbreken van inspraak, de buitenbehandelingstelling van de aanvraag voor de activiteit "natuur", de rechtszekerheid omtrent de voorschriften en diverse milieuaspecten. De rechtbank stelde dat de aanvraag voor de activiteit "natuur" terecht bij de provincie was ingediend en dat de voorschriften onderdeel uitmaken van het besluit. Ook concludeerde de rechtbank dat algemene stellingen zonder nadere onderbouwing onvoldoende zijn om het besluit te vernietigen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer in Arnhem op 25 februari 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning is ontvankelijk maar inhoudelijk ongegrond verklaard.