ECLI:NL:RBGEL:2022:2058
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van verlaging WIA-uitkering door verrekening van PGB-inkomsten en procesbelang
Eiseres heeft een WIA-uitkering ontvangen die door het UWV is verlaagd vanwege inkomsten uit een persoonsgebonden budget (PGB) dat zij ontvangt voor de zorg aan haar dochter. Het UWV heeft de oorspronkelijke toekenning van de uitkering ingetrokken en opnieuw vastgesteld, waarbij het teveel betaalde bedrag van €7.031,80 moest worden terugbetaald. Eiseres maakte bezwaar tegen deze verrekening en stelde dat het PGB-inkomen niet als inkomen mocht worden aangemerkt, mede vanwege het bijzondere karakter van het PGB en eerdere vrijstellingen onder de WW en Ziektewet.
De rechtbank oordeelt dat eiseres voldoende procesbelang heeft, ondanks dat het UWV haar openstaande schulden heeft kwijtgescholden, omdat de hoogte van de WIA-uitkering per 1 januari 2021 nog steeds wordt beïnvloed door de verrekening van het PGB-inkomen. De rechtbank bevestigt dat inkomsten uit een PGB volgens vaste rechtspraak als inkomen moeten worden beschouwd wanneer deze een beloning vormen voor zorgactiviteiten. Het beroep op het vertrouwensbeginsel wordt verworpen omdat het UWV geen toezeggingen heeft gedaan dat het PGB-inkomen onder de WIA zou worden vrijgesteld.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, draagt het UWV op het griffierecht van €49 te vergoeden en veroordeelt het UWV in de proceskosten van €1.518. De uitspraak is gedaan door rechter Y.N.M. Rijlaarsdam op 21 april 2022.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlaging van de WIA-uitkering wegens verrekening van PGB-inkomsten wordt ongegrond verklaard.