Uitspraak
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[belanghebbende] , uit [plaats 1] , belanghebbende
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Almere, de inspecteur.
Inleiding
Feiten
“Tot slot
Beoordeling door de rechtbank
- Zijn de beroepen over de jaren 2005 en 2006 ontvankelijk?
- Zijn de bezwaren over de jaren 2005 tot en met 2009 terecht niet-ontvankelijk verklaard?
- Kan het vermogen op de bankrekening aan belanghebbende worden toegerekend?
- Is de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting niet te laag bepaald?
- Zijn de vergrijpboetes terecht opgelegd? Zo ja, zijn zij niet te hoog vastgesteld?
- de beroepen over de jaren 2005 en 2006 zijn niet-ontvankelijk;
- de bezwaren over de jaren 2007 tot en met 2009 zijn ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard;
- de navorderingsaanslag over het jaar 2007 moet worden verminderd;
- de navorderingsaanslag over het jaar 2008 en de bijbehorende vergrijpboete en heffingsrentebeschikking moeten worden vernietigd;
- de vergrijpboetes over de jaren 2007 en 2009 tot en met 2013 moeten worden gematigd.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart de beroepen over de jaren 2005 en 2006 niet-ontvankelijk;
- verklaart de beroepen over de jaren 2007 tot en met 2009 en 2012 gegrond;
- verklaart de beroepen over de jaren 2010, 2011 en 2013 ongegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar over de jaren 2007 tot en met 2009 en 2012 geheel en over de jaren 2010, 2011 en 2013 uitsluitend voor zover het de boetes betreft;
- vermindert de navorderingsaanslag IB/PVV 2007 tot € 418;
- vermindert de heffingsrentebeschikking over het jaar 2007 dienovereenkomstig;
- vernietigt de navorderingsaanslag IB/PVV 2008;
- vernietigt de vergrijpboete en de heffingsrentebeschikking over het jaar 2008;
- vermindert de vergrijpboetes over de jaren 2007 en 2009 tot en met 2013 tot € 167 (2007), € 244 (2009), € 363 (2010), € 353 (2011), € 260 (2012) en € 346 (2013);
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde (gedeelten van de) uitspraken op bezwaar;
- draagt de inspecteur op het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 47 aan belanghebbende te vergoeden.