Eiseres betwistte de opgelegde bestuurlijke boetes wegens overtreding van de Geneesmiddelenwet (Gnw) voor het product AOV 1121 Glucosamine Chondroïtine 180 capsules. De kern van het geschil was of het product als voedingssupplement of als geneesmiddel moet worden gekwalificeerd.
De rechtbank stelde vast dat partijen het eens waren over twee van de drie cumulatieve voorwaarden uit het Warenwetbesluit voor voedingssupplementen, maar verdeeld waren over de vraag of het product bedoeld is als aanvulling op de normale voeding. De rechtbank oordeelde dat het beoogde doel van het product moet worden afgeleid van de wijze waarop de fabrikant het product in de markt heeft gezet, niet van externe omstandigheden zoals websitevermeldingen of reviews.
De fabrikant had op het product vermeld dat het bedoeld is als aanvulling op een normaal voedingspatroon, passend in een gezonde levensstijl. Daarom voldoet het product aan de definitie van een voedingssupplement en is de Geneesmiddelenwet niet van toepassing. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, waardoor de boete niet kan worden gehandhaafd.
Daarnaast werd de minister veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De rechtbank zag af van verdere bespreking van overige beroepsgronden omdat de meest verstrekkende beroepsgrond slaagde.