De werknemer was sinds maart 2021 in dienst als Application Manager bij CCV. Vanaf 2022 werd zijn mondelinge communicatie als onvoldoende beoordeeld, ondanks begeleiding en een verbetertraject. Het verbeterplan werd niet ondertekend vanwege onduidelijkheid over beoordelingscriteria. De werknemer betwistte het disfunctioneren en de kritiek, maar werkte wel mee aan verbetering.
In 2025 stopte CCV het verbetertraject en plaatste de werknemer elders, waarbij hij andere werkzaamheden weigerde. CCV schortte daarop de loonbetaling op. De kantonrechter oordeelt dat disfunctioneren aannemelijk is, maar het verbetertraject onvoldoende was. Ontbinding op grond van disfunctioneren wordt afgewezen, maar wel toegewezen wegens een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsrelatie.
De kantonrechter kent de werknemer een transitievergoeding van €6.124,25 en een billijke vergoeding van €5.000 toe wegens ernstig verwijtbaar handelen van CCV, onder meer vanwege het stopzetten van het verbetertraject zonder duidelijk beoordelingskader en het onterecht staken van loonbetaling. CCV wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon en proceskosten.