Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
[eiseres] , uit [plaats 1] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tiel
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
“
4.1 Parkeren
indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit;
voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- en stallingruimte wordt voorzien.
de parkeersituatie in de openbare ruimte;
de woon- en leefsituatie.
Strijd met het bestemmingsplan?
Voor nieuwbouwplannen (dus ook sloop/nieuwbouw) wordt het benodigde aantal
het bestaande pand. [7] De rechtbank leidt hieruit af dat sprake moet zijn van een bestaand pand, terwijl in het onderhavige geval al ten tijde van de aanvraag sprake was van braakliggend terrein.
Waar niet kan worden voorzien in voldoende parkeerplaatsen vindt nadere uitwerking (maatwerk) plaats in overleg tussen de aanvrager en de Regisseur Parkeren en Verkeer of diens plaatsvervanger. Wanneer een initiatiefnemer met voldoende argumenten kan aantonen dat de voorgeschreven parkeereis niet realiseerbaar is, wordt er gekeken naar alternatieve mogelijkheden om het parkeren proberen op te lossen. De uitkomsten van dat overleg worden opgenomen in het besluit voor de omgevingsvergunning, als motivering voor geheel of gedeeltelijke vrijstelling van het heffen de parkeerbijdrage.”
minimaal welstandsniveau
De uitweg
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 21 februari 2023;
- draagt het college op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat het college het griffierecht van € 365,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt het college tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eiseres.