Uitspraak
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 29 oktober 2025
[belanghebbende], uit [plaats 1], belanghebbende
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Utrecht, de inspecteur,
de Staat.
Inleiding
- voor het jaar 2017 een aanslag IB/PVV naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 55.201 en een beschikking belastingrente van € 1.431;
- voor het jaar 2018 een aanslag IB/PVV naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 22.575 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 8.247 en een beschikking belastingrente van € 551;
- voor het jaar 2019 een aanslag IB/PVV naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 29.257 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 3.497 en eenj beschikking belastingrente van € 400.
Feiten
(….)”
Geschil
- Dient de bewijslast te worden omgekeerd en verzwaard?
- Hoe is de verdeling van het gebruik van de woning, wat is de hoogte van de bijbehorende eigenwoningschuld en de renteaftrek ter zake van de eigen woning?
- Moet de correctie voor het gebruik van de woning ook op de lening ter zake van de verbouwing worden toegepast?
- Is er sprake van een restschuld op de voormalige eigen woning of is juist sprake van een eigenwoningreserve?
- In hoeverre drukken de aan schoonvader betaalde rentebedragen op belanghebbende?
- Wat is de waarde van de aandelen [naam bedrijf 1] in box 3?
- Is sprake van een schuld aan schoonvader ter zake van de verwerving in 2010 van de aandelen in [naam bedrijf 1] in box 3?
- Heeft belanghebbende recht op aftrek van specifieke zorgkosten?
- Heeft de inspecteur zich terecht beroepen op interne compensatie?
- Zijn het vertrouwensbeginsel, het zorgvuldigheidsbeginsel en/of het proportionaliteitsbeginsel geschonden?
- Heeft belanghebbende recht op een vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn?
- Heeft belanghebbende recht op een (proces)kostenvergoeding?
Beoordeling door de rechtbank
a. eigendom (…), indien met betrekking tot die woning de belastingplichtige of zijn partner de voordelen geniet, de kosten en lasten op de belastingplichtige of zijn partner drukken en de waardeverandering de belastingplichtige of zijn partner grotendeels aangaat”.