Eiser, een bijstandsgerechtigde, verzocht het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede om een permanente ontheffing van de arbeidsverplichtingen uit artikel 9, eerste lid, aanhef, onder b, van de Participatiewet (Pw). Het college verleende slechts tijdelijke ontheffing voor andere verplichtingen en wees de ontheffing voor onder b af. Eiser stelde dat hij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is volgens de Wet WIA en dat hem daarom een permanente ontheffing toekomt.
De rechtbank oordeelde dat het door het college uitgevoerde belastbaarheidsonderzoek, bestaande uit rapporten van een psycholoog en een verzekeringsarts, niet zorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd was. Er ontbrak een arbeidsdeskundig onderzoek en de verzekeringsarts motiveerde onvoldoende waarom verbetering van de belastbaarheid mogelijk zou zijn. Het college baseerde zich onterecht op het criterium van sociale activering in plaats van de WIA-systematiek.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bepaalde dat het college binnen acht weken een nieuw besluit moet nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.