Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van
Vivens Begeleiding Arnhem B.V., uit Arnhem, eiseres
[derde-partij]uit [plaats] (werkneemster)
Rechtbank Gelderland
In deze uitspraak van de Rechtbank Gelderland, gedateerd 15 januari 2026, is het beroep van Vivens Begeleiding Arnhem B.V. (eiseres) tegen de loonsanctie opgelegd door het UWV ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelt dat de re-integratie-inspanningen van eiseres onvoldoende zijn geweest. Het UWV had op 13 september 2023 besloten dat eiseres het loon van een werkneemster moest doorbetalen tot 23 september 2024, omdat de re-integratie-inspanningen niet adequaat waren. De rechtbank concludeert dat het tweede spoortraject te laat is ingezet en niet goed is vormgegeven. Eiseres had het tweede spoortraject uiterlijk zes weken na de Eerstejaarsevaluatie moeten starten, maar dit gebeurde pas op 13 december 2022. De rechtbank stelt vast dat de arbeidsdeskundige van het UWV terecht heeft geconcludeerd dat er geen bevredigend re-integratieresultaat is behaald. Eiseres heeft onvoldoende gedaan om de werkneemster, ondanks haar ziekte, weer aan het werk te krijgen. De rechtbank legt uit dat de werkgever verantwoordelijk is voor de re-integratie, ook als deze is uitbesteed. Eiseres heeft niet aangetoond dat zij voldoende inspanningen heeft verricht om de werkneemster te re-integreren, en de beroepsgronden van eiseres worden verworpen. De uitspraak benadrukt het belang van adequate re-integratie-inspanningen en de verantwoordelijkheden van werkgevers in dit proces.