ECLI:NL:RBGEL:2026:3709
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Moldavische LHBTI-vrouw wegens onvoldoende zwaarwegend risico
Eiseres, een Moldavische vrouw afkomstig uit Transnistrië, verzocht om asiel vanwege haar lesbische geaardheid en de vermeende onveilige situatie voor LHBTI-personen in Moldavië en Transnistrië. De minister wees haar aanvraag af omdat de geloofwaardigheid van haar seksuele gerichtheid in het midden werd gelaten en de problemen die zij vreest onvoldoende zwaarwegend werden geacht.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht de geloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid in het midden liet, aangezien de minister bij de beoordeling van de zwaarwegendheid uitgaat van de verklaringen van de vreemdeling zonder deze te betwisten. De aangevoerde jurisprudentie door eiseres was niet van toepassing omdat daar de geloofwaardigheid wel werd betwist.
Verder stelt de rechtbank vast dat eiseres toegang heeft tot Moldavië en dat de minister terecht heeft geoordeeld dat de risico's voor haar niet zodanig zwaarwegend zijn dat zij als vluchteling kan worden erkend. Hoewel discriminatie en beperkte acceptatie van LHBTI-personen in Moldavië bestaan, is er wettelijke bescherming en zijn er organisaties die hulp bieden. Er is geen sprake van systematische vervolging of onmenselijke behandeling.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de asielaanvraag af. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter W. Loof en griffier J. de Lange op 7 mei 2026 te Arnhem.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.