ECLI:NL:RBHAA:2002:AF1849
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A. Coyajee-Kappers
- V. van den Brink
- J.I. Rood
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verplichte pensionering op 56-jarige leeftijd voor Martinair-vliegers
De vliegers van Martinair stelden in hoger beroep dat de CAO-bepaling die een verplichte pensionering op 56-jarige leeftijd voorschrijft, niet objectief gerechtvaardigd is en in strijd met art. 1 Grondwet Pro en art. 26 IVBPR Pro. De rechtbank bevestigde het vonnis van de kantonrechter en oordeelde dat de leeftijdsgrens een legitiem doel dient, namelijk het waarborgen van doorstroming binnen de organisatie en het behoud van een voorspelbaar personeelsbeleid.
De rechtbank benadrukte dat de CAO-afspraak collectief overeengekomen is en dat zowel Martinair als de VNV een gerechtvaardigd belang hebben bij het hanteren van deze pensioenleeftijd. De compensatie voor het onderscheid in leeftijd bestaat uit een loopbaaninkomen dat is afgestemd op de vroege pensionering. Het alternatief van facultatief doorvliegen zou de doorstroming en voorspelbaarheid ondermijnen.
Verder wees de rechtbank op het belang van terughoudendheid bij het toepassen van toekomstige regelgeving omtrent leeftijdsdiscriminatie en bevestigde zij dat het huidige toetsingskader van de Hoge Raad van toepassing blijft. De vordering van de vliegers werd afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de verplichte pensionering op 56-jarige leeftijd en wijst het hoger beroep van de vliegers af.