ECLI:NL:RBHAA:2006:AY6956
Rechtbank Haarlem
- Raadkamer
- Van Andel
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding na onterechte voorlopige hechtenis wegens verdenking drugssmokkel
Verzoekster werd op 10 januari 2004 in verzekering gesteld en zat vervolgens 23 dagen in voorlopige hechtenis wegens verdenking van overtreding van artikel 2 van Pro de Opiumwet. Zij werd op 7 oktober 2004 vrijgesproken door de rechtbank Haarlem. Na intrekking van het hoger beroep op 20 december 2005 diende verzoekster een verzoek in tot schadevergoeding wegens onrechtmatige vrijheidsbeneming en de gevolgen daarvan.
De rechtbank beoordeelde de verschillende schadeposten, waaronder detentiedagen, kosten tijdens detentie, verblijfskosten tijdens schorsing, immateriële schade en vliegticketkosten. Kosten gemaakt door derden en gederfde inkomsten werden afgewezen wegens gebrek aan causaliteit en onvoldoende bewijs. De rechtbank matigde de dagvergoeding tijdens schorsing naar €65 per dag en kende een aanvullende immateriële schadevergoeding toe van €2.000 vanwege het gemis van contact met haar zoontje.
Uiteindelijk wees de rechtbank een totaalbedrag van €7.992,96 toe, bestaande uit vergoeding voor detentiedagen, verblijf tijdens schorsing, vliegticketkosten, immateriële schade en kosten voor het indienen van het verzoekschrift. Het overige werd afgewezen. De beschikking werd op 24 augustus 2006 in raadkamer uitgesproken door rechter Van Andel.
Uitkomst: Verzoekster krijgt een schadevergoeding van €7.992,96 wegens ten onrechte ondergane voorlopige hechtenis en beperkingen tijdens schorsing.