ECLI:NL:RBHAA:2008:BD1308
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.P.M. van Rijn
- R.G. Kemmers
- C.J. Hummel
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over navorderingsaanslagen en boetes inkomstenbelasting leaseauto en ov-abonnement
Eiser beschikte in de jaren 2001, 2002 en 2004 over een leaseauto van zijn werkgever en een openbaar vervoerabonnement via de werkgever. In zijn aangiften bracht hij de gehele eigen bijdrage die hij aan zijn werkgever betaalde in mindering op het autokostenforfait en claimde daarnaast ook reisaftrek voor het openbaar vervoer.
Na een boekenonderzoek bij de werkgever ontving de Belastingdienst in 2006 een renseignement waaruit bleek dat eiser ook kosten voor het ov-abonnement aftrok die niet gerelateerd waren aan privégebruik van de leaseauto. Dit renseignement vormde een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde omdat de inspecteur bij het opleggen van de primitieve aanslagen geen reden had te twijfelen aan de juistheid van de aangiften.
Eiser stelde dat er sprake was van gewekt vertrouwen en dat hij geen grove schuld had, maar de rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte. Hij had kunnen weten dat een deel van de kosten niet aan privégebruik van de auto gerelateerd was en had de toelichting bij de aangifte en de berijdersovereenkomst niet geraadpleegd. De opgelegde boetes werden echter gematigd vanwege cumulatie.
De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde de boetebeschikkingen en matigde de boetes tot €150 per jaar, handhaafde de navorderingsaanslagen en veroordeelde de Belastingdienst tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Navorderingsaanslagen gehandhaafd, boetes vernietigd en gematigd tot €150 per jaar, proceskosten toegewezen aan eiser.