ECLI:NL:RBHAA:2008:BF0258
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling door vader aan kinderen kwalificeert als schenking in belastingrechtelijke procedure
De rechtbank Haarlem behandelde het geschil over de kwalificatie van betalingen door een vader aan zijn kinderen in het kader van schenkingsrecht. De vader had bedragen betaald aan zijn kinderen na het ontbinden van een mede-eigendomsregeling en het verlenen van optierechten op aandelen in een vennootschap die het complex zou verwerven. Verweerder stelde dat deze betalingen schenkingen waren, terwijl eisers stelden dat het ging om vergoeding van gederfd voordeel.
De rechtbank stelde vast dat de vader door de dadingsovereenkomsten financieel was verarmd en de kinderen waren verrijkt. De rechtbank oordeelde dat de vader de bedoeling had zijn kinderen te bevoordelen en dat de optierechten geen waarde hadden vanwege het ontbreken van concrete afspraken over de overdracht en prijs. Er was geen juridisch afdwingbare verplichting van de vader om de kinderen te compenseren bij verkoop.
Daarom kwalificeerde de betaling van ƒ 2.000.000 aan elk kind als schenking uit menselijke overwegingen en emotie. De beroepen van eisers tegen de aanslagen schenkingsrecht werden ongegrond verklaard. De rechtbank legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat de betalingen aan de kinderen schenkingen zijn.