ECLI:NL:RBHAA:2008:BF0873
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over arbeidsbeloning bij werkzaamheden in Nederland en Verenigde Staten
Eiser, woonachtig in Nederland, was werkzaam in 2001 als commercieel directeur bij Van B Exploitatiemaatschappij B.V. en verrichtte werkzaamheden gericht op emigratiebegeleiding van Nederlandse landbouwers naar de Verenigde Staten. Hij ontving een salaris van Van B en daarnaast vergoedingen van een Amerikaanse vennootschap, VHD, waar hij een dienstbetrekking meende te hebben.
De Belastingdienst legde een aanslag op zonder aftrek ter voorkoming van dubbele belasting voor de inkomsten uit de VS. Eiser stelde dat hij een dienstbetrekking had bij VHD en dat de inkomsten aan de VS toekwamen. De rechtbank oordeelde echter dat geen dienstbetrekking met VHD aannemelijk was en dat de werkzaamheden en beloning toe te rekenen waren aan Van B in Nederland.
De rechtbank concludeerde dat aan de voorwaarden van artikel 16, tweede lid, van het belastingverdrag met de VS was voldaan, waardoor Nederland heffingsbevoegd is. De beloning was niet ten laste gekomen van een vaste inrichting in de VS en het verblijf van eiser in de VS was korter dan 183 dagen. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat Nederland heffingsbevoegd is over de arbeidsbeloning van eiser.