ECLI:NL:RBHAA:2011:BR6722
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- W.M.G. Visser
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling deelnemerschapslening en afwaardering vordering in inkomstenbelasting
Eiser had meerdere geldleningen verstrekt aan een vennootschap waarin hij een aanmerkelijk belang had. Hoewel schriftelijke leningsovereenkomsten waren opgesteld, werden geen zekerheden gevraagd of gesteld, en was het eigen vermogen van de vennootschap negatief. De rechtbank stelde vast dat de leningen onder zodanige voorwaarden waren verstrekt dat eiser met het uitgeleende bedrag in zekere mate deel had in de onderneming, waardoor sprake was van een deelnemerschapslening.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiser dat de afwaardering van de vordering op de vennootschap in mindering mocht worden gebracht op het belastbaar inkomen uit werk en woning. De civielrechtelijke vorm van de lening was in dit geval niet beslissend voor de fiscale gevolgen, omdat de lening feitelijk informeel kapitaal vormde.
De rechtbank concludeerde dat de afwaardering niet aftrekbaar was en verklaarde het beroep van eiser ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige belastingkamer van de rechtbank Haarlem op 15 februari 2011.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat de leningen als deelnemerschapsleningen worden aangemerkt en de afwaardering niet aftrekbaar is.