ECLI:NL:RBHAA:2011:BT2472
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontuchtige handelingen in Connexxion-bus
Op 30 oktober 2009 vond een incident plaats in een Connexxion-busje waarbij verdachte, de chauffeur, werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen jegens een passagier, de benadeelde partij. Tijdens de rit van Amsterdam naar Zaandam maakte verdachte seksueel getinte opmerkingen en betastte hij het lichaam van de benadeelde partij. Nadat een andere passagier was uitgestapt, zou verdachte haar naar een verlaten parkeerterrein hebben gereden en daar tegen haar wil hebben betast en gezoend.
De officier van justitie vorderde bewezenverklaring van het ten laste gelegde en een taakstraf voor verdachte, evenals toewijzing van de schadevergoeding aan de benadeelde partij. De rechtbank onderzocht de verklaringen van de benadeelde partij en een getuige die aanwezig was tijdens de rit. De verklaringen van de getuige konden echter geen steun bieden aan de beschuldigingen over de situatie één op één tussen verdachte en de benadeelde partij, omdat deze getuige alleen had gehoord wat de benadeelde partij had verteld.
De rechtbank oordeelde dat er geen wettig en overtuigend bewijs was dat de ontuchtige handelingen hadden plaatsgevonden zoals ten laste gelegd. Daarom sprak zij verdachte vrij van de tenlastelegging. Tevens verklaarde de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in haar vordering tot schadevergoeding en bepaalde dat de gemaakte kosten voor rekening van de benadeelde partij komen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van ontuchtige handelingen.