Uitspraak
Ontstaan en loop van de gedingen
2.Tussen partijen vaststaande feiten
Geschil
Rechtbank Haarlem
Eiseres, een uitzendbureau voor schoonmaakwerkzaamheden, werd geconfronteerd met naheffingsaanslagen omzetbelasting en loonheffingen over 2007 en 2008, inclusief vergrijpboetes en heffingsrente. Na een boekenonderzoek stelde de Belastingdienst correcties vast wegens niet-verloonde uren en onbelaste autokostenvergoedingen. Eiseres voerde bezwaar aan tegen deze aanslagen en boetes.
De rechtbank oordeelde dat eiseres niet voldeed aan haar administratieplicht, waarbij ernstige gebreken werden vastgesteld zoals het ontbreken van urenstaten, kascontrole en het weggooien van belangrijke aantekeningen. Hierdoor rustte de bewijslast op eiseres om aan te tonen dat de aanslagen onjuist waren. Eiseres kon haar verklaringen over de verschillen tussen verloonde en gefactureerde uren niet met objectief bewijs onderbouwen.
Ook de onbelaste kilometervergoedingen aan vier werknemers werden terecht gecorrigeerd, aangezien eiseres geen bewijs leverde dat deze vergoedingen niet tot belastbaar loon behoorden. De rechtbank verwierp de stelling dat sprake was van verhuur van privéauto's en concludeerde dat de rittenadministratie onvoldoende was. De opgelegde vergrijpboetes van 25% wegens grove schuld werden passend geacht vanwege laakbaar slordig handelen.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De beroepen tegen de naheffingsaanslagen en vergrijpboetes worden ongegrond verklaard en de aanslagen blijven gehandhaafd.