ECLI:NL:RBLEE:2010:BO6950
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A.F.M. Stassen
- M.M. de Werd
- W.A.P. de Roij
- Rechtspraak.nl
Geen recht op aftrek omzetbelasting voor pensioenfondsgerelateerde diensten
Belanghebbende heeft omzetbelasting in aftrek gebracht over diensten die niet aan haar, maar aan een gelieerd pensioenfonds zijn verricht. De rechtbank stelt vast dat de feitelijke afnemer van deze diensten het pensioenfonds is en niet belanghebbende zelf. Hierdoor bestaat geen recht op aftrek van voorbelasting voor belanghebbende.
Belanghebbende voerde aan dat het ging om algemene kosten die in de prijs van haar producten zijn verwerkt, en dat zij daarom recht op aftrek zou hebben. De rechtbank wijst dit af omdat in de relevante jurisprudentie de belastingplichtige wel afnemer van de diensten was, wat hier niet het geval is.
Verder is de vraag aan de orde of de vrijstelling van artikel 11, eerste lid, onderdeel i, ten derde, van de Wet omzetbelasting 1968 van toepassing is op de diensten ten behoeve van het pensioenfonds. De rechtbank oordeelt dat deze vrijstelling niet geldt voor pensioenfondsen omdat deze niet kwalificeren als gemeenschappelijke beleggingsfondsen in de zin van de richtlijn en de Wet. Dit oordeel wordt ondersteund door jurisprudentie van het Hof van Justitie en de strekking van het gemeenschapsrecht.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting en de heffingsrente. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag omzetbelasting en heffingsrente.