ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ9569
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.F.W. Huinen
- P.E. de Kort
- T.A.J.M. Provaas
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vorderingen wegens ongeldige zorgovereenkomsten PGB-houders tegen Raad & Daad
CZ Zorgkantoor heeft vorderingen overgedragen gekregen van tientallen PGB-houders die zorgovereenkomsten zijn aangegaan met de vennootschap Raad & Daad. Deze zorgovereenkomsten, waarbij het gehele persoonsgebonden budget aan Raad & Daad werd overgedragen, zijn door de rechtbank in een tussenvonnis als strijdig met de openbare orde beoordeeld en daarmee nietig verklaard.
Op grond van deze nietigheid zijn ongedaanmakingsverplichtingen ontstaan, die de rechtbank in redelijkheid heeft vastgesteld op de door CZ als onverantwoord aangemerkte bedragen. CZ vordert betaling van deze bedragen van de gedaagden, waaronder de vennootschap Ynfo Thuisbegeleiding VOF (handelend onder Raad & Daad) en haar vennoten, alsmede een andere gedaagde die zorgovereenkomsten heeft gesloten.
De rechtbank stelt vast dat de vorderingen op basis van de cessies toewijsbaar zijn voor respectievelijk € 681.474,77 aan Ynfo en haar vennoten en € 75.159,30 aan de andere gedaagde. Verdere aansprakelijkheid van de overige gedaagden wordt afgewezen wegens onvoldoende grond. Ook wijst de rechtbank de vorderingen in reconventie deels toe en deels af, en compenseert zij de proceskosten waar van toepassing.
De rechtbank veroordeelt de hoofdgedaagden hoofdelijk tot betaling van de genoemde bedragen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 22 juli 2010, en verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van € 681.474,77 en € 75.159,30 aan CZ, vermeerderd met wettelijke rente, met afwijzing van verdere vorderingen.