Werknemer trad in 2007 in dienst bij de werkgever en werkte als klusjesman. Na een eerdere periode van arbeidsongeschiktheid in 2010, meldde werknemer zich in juli 2014 opnieuw ziek. Spanningen ontstonden over eigendom en gebruik van gereedschappen, loonbetalingen en communicatie tijdens ziekte. Werkgever deed aangifte van diefstal, werknemer deed aangifte van smaad.
Een mediationtraject mislukte. Werknemer vroeg ontbinding van de arbeidsovereenkomst, waarbij de kantonrechter oordeelde dat werknemer het recht heeft om de overeenkomst te ontbinden. De kantonrechter stelde vast dat beide partijen verwijten treft in het ontstaan en voortduren van de impasse.
De kantonrechter wees een ontbindingsvergoeding van €15.000 toe aan werknemer en bepaalde de ontbinding per 1 april 2015. Proceskosten worden gedragen door beide partijen. Werknemer kreeg gelegenheid het verzoek in te trekken, met gevolgen voor proceskostenverdeling.