Uitspraak
14.Het beroep is ongegrond.
15.Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 april 2018.
Rechtbank Limburg
Eiseres is eigenaar van een woning waarin op 15 juli 2016 een hennepknipperij werd aangetroffen met een grote hoeveelheid hennepplanten en toppen. Verweerder legde op grond van artikel 13b Opiumwet een last onder bestuursdwang op tot sluiting van de woning voor drie maanden. Eiseres betwistte dat sprake was van een ernstig geval en stelde dat verweerder slechts een waarschuwing had moeten geven, verwijzend naar de wetsgeschiedenis en het gemeentelijke beleid.
De rechtbank stelt vast dat de bevoegdheid tot sluiting niet ter discussie staat en dat de aangetroffen hoeveelheid softdrugs ruim boven de handelshoeveelheid ligt, waardoor verweerder terecht van een ernstig geval mocht uitgaan. De rechtbank oordeelt dat de indicatoren in het beleid niet cumulatief zijn en dat de sluiting passend is.
Eiseres voerde ook aan dat bijzondere persoonlijke omstandigheden een afwijking van het beleid rechtvaardigen. De rechtbank overweegt dat deze omstandigheden onvoldoende concreet en actueel zijn onderbouwd en dat het algemene belang prevaleert. Verweerder heeft de belangenafweging zorgvuldig gemaakt en de motivering is toereikend.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot sluiting van de woning voor drie maanden wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de sluiting van haar woning wegens hennepknipperij wordt ongegrond verklaard en het besluit tot sluiting voor drie maanden bevestigd.