Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 september 2018 in de zaak tussen
[eiser 1] en [eiser 2], te [woonplaats], eisers
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Limburg
Eisers maakten bezwaar tegen de toepassing van de kostendelersnorm op hun bijstandsuitkering nadat hun meerderjarige dochter per 1 september 2016 haar studie had beëindigd en geen studiefinanciering meer ontving. Verweerder had hen vanaf die datum als kostendeler aangemerkt, waardoor de uitkering werd verlaagd.
De rechtbank overwoog dat de kostendelersnorm dwingend is voorgeschreven in artikel 22a van de Participatiewet en dat het feit dat de dochter inkomsten had en als kostendeler meetelt, rechtmatig is. Eisers voerden aan dat zij hun dochter niet konden verplichten bij te dragen en dat de verlaging van de uitkering leidde tot financiële problemen, mede door het wegvallen van huurtoeslag.
De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden niet leiden tot een buitensporig zware last en dat er geen sprake is van schending van het eigendomsrecht of discriminatie. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de toepassing van de kostendelersnorm is ongegrond verklaard.