Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de meervoudige kamer van 12 april 2019 in de zaken tussen
[eiseres] , te Geleen, eiseres
Procesverloop
Overwegingen
- boekhouding en bankafschriften van de Stichting [naam stichting 2] ;
- boekhouding en bankafschriften van de Stichting [naam stichting 3] , en
- beschrijvingen van de werkzaamheden voor de Stichting [naam stichting 2] , de Stichting [naam stichting 3] en de Stichting [naam Stichting 1] .
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de bestreden besluiten I en II;
- herroept het primaire besluit I, bepaalt dat verweerder aan eiseres en [echtgenoot] tezamen vanaf 25 augustus 2017 tot 7 november 2017 bijstand verleent naar de voor hen toepasselijke bijstandsnorm, aan eiseres alleen vanaf 7 november 2017 bijstand verleent naar de voor haar toepasselijke bijstandsnorm, aan eiseres en [echtgenoot] bijzondere bijstand toekent voor de eigen bijdragen in de advocaatkosten van €429,-, en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit I:
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar tegen het primaire besluit II;
- bepaalt dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van 2 x €46,- = €92,- aan eiseres dient te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van €2.304,-.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 april 2019.