ECLI:NL:RBLIM:2020:1483
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering handhaving hoogte bijgebouw en bevestiging overige handhavingsbesluiten
De rechtbank Limburg behandelde drie bestuursrechtelijke zaken betreffende handhavingsverzoeken tegen bouwwerken op een perceel met een bijgebouw en hoofdgebouw. Eiser had meerdere keren handhavend optreden gevraagd tegen vermeende overtredingen van het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over de aanwezigheid van het bijgebouw sinds circa 1880 en de vergunningverlening voor afwijkingen in situering en bouwhoogte. De rechtbank oordeelt dat de overschrijding van de bouwhoogte van het bijgebouw met ten minste 16 cm geen geringe overtreding is en dat hiervoor geen concreet zicht op legalisatie bestaat, waardoor het besluit tot weigering handhaving op dit punt wordt vernietigd.
Voor andere aspecten zoals situering van ondergeschikte bouwdelen, goothoogte en onderhoudswerkzaamheden aan het voegwerk, stelt de rechtbank vast dat deze binnen de vergunningvrije activiteiten of toegestane afwijkingen vallen, zodat handhaving niet nodig is. Ook het tijdelijk wonen in het bijgebouw wordt toegestaan vanwege concreet zicht op legalisatie door een verleende tijdelijke omgevingsvergunning.
De rechtbank verklaart het beroep tegen het besluit tot weigering handhaving van de hoogte gegrond en vernietigt dit besluit, terwijl de overige beroepen ongegrond worden verklaard. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen en het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen weigering handhaving bouwhoogte bijgebouw wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd; overige beroepen worden ongegrond verklaard.