Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
feit 3). De verdachte werd op 20 december 2019 aangehouden in de woning van [medeverdachte 1] . Uit de tapgesprekken volgt dat de verdachte wetenschap had van de handel in en de uitvoer van hard- en softdrugs en dat hij [medeverdachte 2] voorzag van advies over de verkoopprijzen van drugs. De verdachte had hiermee volgens de officier van justitie een essentiële rol binnen de criminele organisatie die zich bezighield met druggerelateerde feiten.
feit 4). De cocaïne werd bij de verdachte aangetroffen en de verdachte heeft verklaard dat hij de cocaïne heeft gekocht.
(feit 5). De hennep werd aangetroffen in de woning waar de verdachte zich bevond, de verdachte wist dat de eigenaar van deze woning ( [medeverdachte 1] ) zich bezighield met drugshandel en in de woning was een sterke hennepgeur aanwezig, zodat de verdachte volgens de officier van justitie wetenschap moet hebben gehad van de aanwezigheid van de hennep. Dat de verdachte over de hennep kon beschikken, leidt de officier van justitie af uit de omstandigheid dat de verdachte deel uitmaakte van de criminele organisatie waartoe ook [medeverdachte 1] behoorde, en welke organisatie zich bezighield met het plegen van druggerelateerde feiten.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezen verklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor feit 4 tot een taakstraf voor de duur van 72 uren;
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 36 dagen;