Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.[verweerder sub 1]
[verweerster sub 2]
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen
- het verweerschrift met bijlagen
- de mondelinge behandeling op 3 augustus 2022, waarbij namens [verzoeker] een pleitnota is overgelegd.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
verzoek jegens [verweerder sub 1]
kande kantonrechter een ten laste van de werkgever komende billijke vergoeding aan de werknemer toekennen (zie art. 7:681 lid 1 BW Pro). De kantonrechter zal in deze zaak van deze wettelijke bevoegdheid geen gebruik maken op grond van de volgende overwegingen.
€ 1.681,26 bruto vanaf 24 mei 2022 (zie 7:686a lid 1 BW). De billijke vergoeding wordt afgewezen dus de daarover verzochte wettelijke rente eveneens.
- griffierecht € 86,00
- salaris gemachtigde