ECLI:NL:RBLIM:2022:6779
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting bovenverdieping woning wegens drugsaanwezigheid
De burgemeester van Maastricht heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet besloten de bovenverdieping van de woning van verzoeker voor drie maanden te sluiten vanwege de vondst van 1166 gram hennep en 57 hennepplanten. Verzoeker betoogde dat de hennep voor eigen gebruik was en dat sluiting onevenredig zou zijn omdat hij geen passende woonruimte kan vinden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting omdat sprake was van een handelshoeveelheid drugs die de woning tot een drugspand maakt, mede gezien de ligging in een kwetsbare woonomgeving. De ernst van de overtreding en het algemene belang bij handhaving van de openbare orde rechtvaardigen de sluiting.
De rechter nam mee dat verzoeker verwijtbaar heeft gehandeld en dat de gevolgen van sluiting, zoals tijdelijk verlies van woonruimte, niet zwaarder wegen dan het belang van handhaving. Verzoeker kon niet aannemelijk maken dat hij elders geen woonruimte kan vinden. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en moet verzoeker het bezwaar afwachten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de bovenverdieping van de woning wordt afgewezen.