Eiser ontvangt vanaf november 2020 een aanvullende bijstandsuitkering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Venlo. Het college verzocht eiser om bankafschriften over september en oktober 2021 te verstrekken. Eiser leverde deze afschriften op 1 december 2021 aan, maar maakte veel transacties onleesbaar. Hierdoor werden de gegevens niet tijdig en volledig verstrekt, ondanks een hersteltermijn tot 9 december 2021.
Het college schortte de uitkering op per 30 november 2021 en trok deze bij besluit van 16 december 2021 definitief in. Eiser maakte bezwaar en stelde dat de bankafschriften niet relevant waren voor het actuele recht op bijstand. De rechtbank oordeelt dat bankafschriften onmiskenbaar van belang zijn voor de beoordeling van het recht op bijstand en dat de gevraagde periode direct voorafging aan het opschortingsbesluit.
Omdat eiser de bankafschriften pas op 20 januari 2022 leesbaar verstrekte, kan hem dit worden verweten. Het college was daarom bevoegd de uitkering in te trekken. De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de intrekking en beëindiging van de bijstandsuitkering. Eiser krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.