Uitspraak
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 24 augustus 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Limburg
De zaak betreft een kort geding tussen woningstichting HEEMwonen en [gedaagde], die na het overlijden van zijn moeder zonder recht of titel in de huurwoning verbleef. HEEMwonen vordert ontruiming omdat de wettelijke termijn van zes maanden voor voortzetting van de huur niet is nageleefd.
De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde] geen medehuurder is en dat hij uiterlijk binnen zes maanden na overlijden een verzoek tot voortzetting van de huurovereenkomst had moeten indienen. Hoewel [gedaagde] gezondheidsproblemen aanvoert, waaronder een hartoperatie en psychische behandelingen, is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het voor hem onmogelijk was binnen die termijn actie te ondernemen.
De rechtbank wijst de ontruimingsvordering toe en bepaalt op grond van billijkheid een ontruimingstermijn van vier maanden vanwege de gezondheidsproblemen en een aanstaande operatie. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt toegewezen met een ontruimingstermijn van vier maanden vanwege gezondheidsproblemen.