Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van twee warehouses met kantoren en inritten, inclusief aanleg van uitwegen en wadi’s. De voorzieningenrechter beoordeelt het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van 21 december 2023.
Er is geen strijd met het vertrouwensbeginsel en de reguliere voorbereidingsprocedure is terecht gevolgd. De vergunning voor het bouwplan is niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening, ook niet door de overschrijding van de goothoogten. Wel zijn er motiveringsgebreken bij het aspect verkeer, omdat onduidelijk is of de oude sluis de verkeersbelasting aankan en de verkeerssituatie onvolledig is onderzocht. Ook is onvoldoende gemotiveerd of de aanleg van de uitweg aan de Uilenweg het openbaar groen onaanvaardbaar aantast, met name vanwege mogelijke wortelschade aan bomen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe voor zover het gaat om de aanleg van de uitweg en schorst deze vergunning tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Voor het overige wordt het verzoek afgewezen. Verweerder moet het motiveringsgebrek over verkeer en openbaar groen bij de bezwaarprocedure herstellen. Verzoekers krijgen een vergoeding van griffierecht en proceskosten.