ECLI:NL:RBLIM:2025:3337
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens handel in softdrugs en verboden wapens
De burgemeester van Heerlen heeft op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet besloten de woning van verzoeker te sluiten voor zes maanden vanwege het aantreffen van 4,58 kilogram hennep, 21 gram hasj en diverse verboden wapens. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om in de woning te kunnen blijven wonen tot zes weken na de beslissing op bezwaar.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting omdat de aangetroffen hoeveelheid softdrugs ruimschoots de grens van 5 gram overschrijdt, wat een handelshoeveelheid betekent. Verzoeker heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de drugs uitsluitend voor eigen gebruik waren, noch dat hij verslaafd is. De aanwezigheid van verboden wapens verhoogt het risico en onderstreept de ernst.
De sluiting is noodzakelijk ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde, mede gezien de kwetsbare woonwijk en eerdere drugsvondsten in de omgeving. De voorzieningenrechter acht de sluiting evenwichtig omdat de belangen van verzoeker, waaronder de zorg voor zijn terminale moeder en de situatie van zijn minderjarige zoon, zijn meegewogen maar niet zwaarder wegen dan het belang van de openbare orde. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen, waardoor de burgemeester de woning kan sluiten voor zes maanden.