Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de meervoudige kamer van 02 juli 2025 in de zaken tussen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stein, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Conclusie
Beslissing
.
Rechtbank Limburg
Eisers, bestaande uit een asfaltcentrale en twee bestuurders, hebben beroep ingesteld tegen lasten onder dwangsom die zijn opgelegd wegens overschrijding van emissiegrenswaarden voor MVP1 (PAK’s) en MVP2 (benzeen). Verweerder heeft op verzoek een maatwerkvoorschrift vastgesteld dat tijdelijk een hogere emissie van benzeen toestaat, maar het verzoek om dat ook voor PAK’s te doen is afgewezen. Eisers verzochten vervolgens om intrekking of wijziging van de lasten, waarop verweerder het last ten aanzien van benzeen heeft aangepast, maar niet voor PAK’s.
De rechtbank oordeelt dat de overschrijding van de emissiegrenswaarden voor PAK’s terecht is vastgesteld en dat geen concreet zicht op legalisatie of andere bijzondere omstandigheden aan handhaving in de weg stonden. De begunstigingstermijn hoefde niet te worden afgestemd op de tijd die nodig was voor het plaatsen van een koolstoffilter. De beroepen tegen de bestreden besluiten I en II worden ongegrond verklaard.
De rechtbank benadrukt het belang van handhaving en stelt dat handhavend optreden niet onevenredig is zolang er geen zwaarwegende bijzondere omstandigheden zijn. Eisers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat handhaving onevenredig is of dat sprake is van concreet zicht op legalisatie. De dwangsom is proportioneel vastgesteld en de invordering daarvan maakt geen onderdeel uit van dit geding.
Uitkomst: De beroepen van eisers tegen de lasten onder dwangsom wegens overschrijding van emissiegrenswaarden worden ongegrond verklaard.