Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
tussen
Allbo Holding B.V., uit Einighausen, eiseres
Procesverloop
.Eiseres heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Rechtbank Limburg
Allbo Holding B.V. is eigenaar van een perceel met twee loodsen in Einighausen en ontving een omgevingsvergunning voor de bouw van een nieuwe loods. Het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen legde haar drie lasten onder dwangsom op wegens overtreding van vergunningvoorschriften, met name het gebruik van de nieuwe loods en het verbod op detailhandel.
Eiseres betwistte de grondslag van deze lasten omdat de vergunningvoorschriften uitsluitend zien op de nieuwe loods en niet op de bestaande loods, terwijl het college ook activiteiten in de bestaande loods aan de lasten verbond. De voorzieningenrechter voerde een exceptieve toetsing uit en oordeelde dat de vergunningvoorschriften evident in strijd zijn met hogere regelgeving, namelijk artikel 2.22, tweede lid, van de Wabo, die voorschriften beperkt tot het belang van de vergunningplichtige activiteit.
Hierdoor vervalt de grondslag voor handhaving en kunnen de lasten onder dwangsom niet in stand blijven. De voorzieningenrechter vernietigde het bestreden besluit en het besluit van 16 december 2025, wees het verzoek om voorlopige voorziening af en veroordeelde het college tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter vernietigt de lasten onder dwangsom wegens strijd van de vergunningvoorschriften met hogere regelgeving en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.