Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
- om de arbeidsovereenkomst te ontbinden primair op de g-grond en subsidiair op de i-grond;
- aan [medewerker] een transitievergoeding toe te kennen van € 5.683,91 bruto bij een ontbinding wegens verstoorde arbeidsverhouding en € 8.525,87 bij ontbinding op de cumulatiegrond;
- aan [medewerker] voor het overige geen billijke dan wel andere vergoeding toe te kennen;
- [medewerker] te veroordelen in de proceskosten.
4.De beoordeling van de (voorwaardelijke) verzoeken van partijen
ernstigverwijtbaar handelen of nalaten van de Stichting, in welk geval de Stichting aan [medewerker] de transitievergoeding [2] en in beginsel een billijke vergoeding [3] verschuldigd is. De kantonrechter is van oordeel dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de Stichting en legt dit hierna uit.
- Het bericht van [voorzitter college bestuur] van 3 juli 2025 via Infoblad, waarin is vermeld dat een wervingsprocedure wordt opgestart voor een nieuwe directeur van de basisschool van [medewerker] . Dat dit bericht op vergissing berust, zoals de Stichting later heeft verklaard, heeft wellicht betrekking op het plaatsen ervan, maar dat het een getrouwe weergave was van de opvatting die [voorzitter college bestuur] op dat moment heeft, daar twijfelt de kantonrechter niet aan.
- Op 20 augustus 2025 is [medewerker] uit de directeurenapp verwijderd.