ECLI:NL:RBMAA:2007:BB3577
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Huinen
- E.W. Seylhouwer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging aan maatschap wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De rechtbank Maastricht behandelde het beroep van eiseres tegen een boetebeschikking van €16.000 opgelegd door de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (WAV). Eiseres stelde dat de boete onrechtmatig was opgelegd omdat de termijn van 13 weken voor het opleggen van de boete was verstreken, de boete in strijd was met het legaliteitsbeginsel en dat de boete ten onrechte aan een maatschap was opgelegd, aangezien een maatschap geen rechtspersoonlijkheid bezit.
De rechtbank oordeelde dat de termijn van 13 weken uit artikel 19e, derde lid, van de WAV een termijn van orde is en geen fatale termijn, zodat het opleggen van de boete na deze termijn niet leidt tot verval van de bevoegdheid. Ook werd geoordeeld dat de boete niet in strijd is met het legaliteitsbeginsel omdat volgens vaste jurisprudentie de maximale boete voor een rechtspersoon ook geldt voor een maatschap, die in de WAV gelijkgesteld wordt aan een rechtspersoon.
Verder werd vastgesteld dat de maatschap terecht als werkgever is aangemerkt, mede omdat de grond waarop de veestal werd gebouwd in de maatschap was ingebracht en de bouwwerkzaamheden niet incidenteel waren. De rechtbank verwierp het verweer dat een werknemer zelfstandige was, omdat deze niet bij de Kamer van Koophandel stond ingeschreven.
Gelet op deze overwegingen werd het beroep ongegrond verklaard en de boete van €16.000 bevestigd. De uitspraak werd gedaan door mr. Huinen en griffier mr. Seylhouwer op 30 juli 2007.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de boete van €16.000 aan de maatschap wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen en verklaart het beroep ongegrond.