ECLI:NL:RBMAA:2008:BF2469
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M.J. van den Acker
- E.W.A. van Berg
- R.A.J. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen doodslag en schadevergoeding na verbergen lijk
Op 6 januari 2007 werd het slachtoffer voor het laatst in leven gezien en op 18 januari 2007 werd zijn lichaam in een muurkast aangetroffen. Het slachtoffer overleed aan een messteek in de borst, toegebracht in de keuken van de bovenwoning. Verdachte en medeverdachte oefenden beiden ernstig geweld uit op het slachtoffer binnen een korte tijdsspanne.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van moord, maar wel van doodslag in vereniging. Verdachte heeft het lichaam niet bewezen verborgen, ondanks aanwijzingen van betrokkenheid bij het opruimen van bloedsporen. Medeverdachte legde een bekennende verklaring af, maar deze werd deels als mogelijk valse bekentenis beoordeeld.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 8 jaar wegens medeplegen van doodslag en wees een schadevergoeding van €6641,90 toe aan de nabestaande. Verdachte werd vrijgesproken van het verbergen van het lijk. De straf houdt rekening met de ernst van het feit en de proceshouding van verdachte.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 8 jaar gevangenisstraf voor medeplegen van doodslag en aansprakelijk gesteld voor schadevergoeding aan nabestaande.